Derealisatie en paniekaanvallen
Derealisatie tijdens een paniekaanval komt veel voor. In onderzoeken heeft een groot deel van de mensen met paniekstoornis er last van, met cijfers die oplopen tot boven de 80 procent [1]. Tijdens de aanval dempt je brein je waarneming als bescherming tegen de overweldigende angst. Het onwerkelijke gevoel is niet gevaarlijk en zakt meestal binnen minuten tot een uur weer weg. Het lastige: veel mensen raken juist door de derealisatie nog banger, waardoor een cirkel ontstaat.
- Derealisatie en depersonalisatie staan in de DSM-5 als klachten die bij een paniekaanval kunnen horen [2].
- Het is een beschermingsreactie van je brein, geen teken dat je gek wordt.
- Tijdens de aanval helpen rustig uitademen en grondingsoefeningen.
- Blijft de derealisatie na de aanval hangen, dan is dat vaak door angst voor het gevoel zelf.
Waarom krijg je derealisatie bij een paniekaanval?
Bij een paniekaanval zet je lichaam de alarmstand aan. Je hart gaat sneller, je ademt snel en oppervlakkig en je spieren spannen aan. Bij heel hoge angst kan je brein daarnaast de emotionele kleur van je waarneming dempen. Daardoor raak je minder overspoeld, ook al voelt dat op het moment zelf heel eng.
Ook snel ademen speelt mee. Door hyperventilatie daalt de hoeveelheid koolzuur in je bloed. Dat geeft een licht gevoel in je hoofd, tintelingen en een wazig, onwerkelijk gevoel.
De cirkel van paniek en derealisatie
- Je voelt spanning opkomen, bijvoorbeeld in een drukke winkel.
- De wereld begint onwerkelijk te voelen.
- Je denkt: “Ik word gek” of “Ik verlies de controle”.
- Die gedachte maakt je nog angstiger, en de derealisatie wordt sterker.
- Na afloop ben je bang voor de volgende keer en ga je plekken vermijden.
Deze cirkel lijkt op het model dat onderzoekers voor depersonalisatie beschreven [3]. Je doorbreekt hem vooral bij stap 3: als je weet wat er gebeurt, verliest de derealisatie een groot deel van zijn dreiging. Zie ook de infographic op de pagina derealisatie.
Wat te doen tijdens een aanval?
- Benoem wat er gebeurt. Zeg tegen jezelf: “Dit is paniek met derealisatie. Het is naar en niet gevaarlijk. Het gaat vanzelf weer zakken.”
- Adem langzaam uit. Adem rustig in door je neus en adem langer uit dan in. Dat remt de alarmreactie af.
- Zet je voeten op de grond. Voel het contact en druk ze stevig in de vloer.
- Gebruik je zintuigen. Benoem vijf dingen die je ziet, vier die je voelt, drie die je hoort.
- Blijf als het kan. Wegvluchten geeft kort opluchting en maakt de volgende keer vaak heftiger. Zakt de angst, ga dan door met wat je aan het doen was.
Rustig ademen: 4 in, 2 vast, 6 uit
Volg de cirkel. Een langere uitademing remt je stressreactie af.
De 5-4-3-2-1 oefening
Brengt je aandacht via je zintuigen terug naar het hier en nu. Duurt twee tot vier minuten.
Mijn paniekaanvallen en derealisatie liepen jarenlang door elkaar. Wat hielp, was stoppen met vechten. Op het moment dat ik dacht “oké, daar is het weer, ik laat het komen”, werd het korter. Dat klinkt simpel. Het kostte me veel oefening.
Als de derealisatie na de aanval blijft
Bij een deel van de mensen gaat het onwerkelijke gevoel niet weg als de paniek zakt. Dat gebeurt vaak als je erg schrikt van de derealisatie en daarna steeds controleert of het er nog is. Paniek is in onderzoek een van de meest genoemde aanleidingen voor een aanhoudende depersonalisatie-derealisatiestoornis [4].
Wat helpt dan:
- blijven doen wat je normaal doet, ook met het gevoel erbij;
- minder controleren en googelen;
- grondingsoefeningen op moeilijke momenten;
- hulp zoeken als het weken aanhoudt. Cognitieve gedragstherapie werkt bij paniekstoornis en bij derealisatie. Lees meer bij behandeling.
Hoe voorkom je nieuwe aanvallen?
- Verlaag je basisspanning: slaap, regelmaat en dagelijks bewegen.
- Let op cafeïne en alcohol: beide kunnen paniek uitlokken bij mensen die er gevoelig voor zijn.
- Stop met cannabis: een bekende trigger voor paniek en derealisatie.
- Vermijd niet: ga stap voor stap terug naar plekken die je uit de weg gaat.
- Praat erover: met iemand die je vertrouwt, je huisarts of lotgenoten op het forum.
Tips voor naasten
Heeft iemand in je omgeving een paniekaanval met derealisatie?
- Blijf rustig en praat met een kalme stem.
- Zeg dat het een paniekaanval is en dat die vanzelf zakt.
- Adem samen langzaam uit.
- Vraag wat de ander nodig heeft en oordeel niet over wat hij of zij ervaart.
Heb je voor het eerst een aanval met pijn op de borst, uitstraling naar je arm of kaak, of heb je al hartklachten? Bel dan 112 of de huisartsenpost. Een arts kan beoordelen of het om paniek gaat.
Bronnen
- Hunter ECM, Sierra M, David AS. The epidemiology of depersonalisation and derealisation: a systematic review. Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology. 2004;39(1):9-18. PubMed
- American Psychiatric Association. Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, 5e editie (DSM-5). 2013.
- Hunter ECM, Phillips ML, Chalder T, Sierra M, David AS. Depersonalisation disorder: a cognitive-behavioural conceptualisation. Behaviour Research and Therapy. 2003;41(12):1451-1467.
- Simeon D, Knutelska M, Nelson D, Guralnik O. Feeling unreal: a depersonalization disorder update of 117 cases. Journal of Clinical Psychiatry. 2003;64(9):990-997. PubMed
Dissociatie.com geeft informatie en ervaringen, geen medisch advies, diagnose of behandeling. Twijfel je over je klachten, neem dan contact op met je huisarts. Lees de volledige disclaimer.
